Binnenmilieu stond centraal in Nationale Aanpak Milieu en Gezondheid

In de Nationale Aanpak Milieu en Gezondheid (2008-2012) van het Ministerie van Infrastructuur & Milieu vormde het binnenmilieu in woningen, (basis)scholen en kinderdagverblijven een van de speerpunten. In het kader van deze Aanpak werd ingezet op een verbeterde naleving van het Bouwbesluit en het ontwikkelen van een opleveringskeuring voor ventilatiesystemen. Dit heeft onder andere geleid tot bewustwording, een VentilatiePrestatieKeuring, een 'actieplan kwaliteitsverbetering ventilatievoorzieningen woningen’, goede voorbeelden en een kennisplatform rondom binnenmilieu. Na het afronden van de Nationale Aanpak Milieu en Gezondheid is niet langer duidelijk welke partij het voortouw neemt op het gebied van binnenmilieu ( Staatsen et al. 2014 Staatsen, B. A. M., Houweling, D. A., Kruize, H., Bogers, R. P., Mulder, Y. M., Koudijs, E. A., Terugblik op vier jaar Nationale Aanpak Milieu en Gezondheid, Bilthoven (2014) ).

Rookverboden en voorlichting over ventilatie bevorderen kwaliteit binnenmilieu

De Tabakswet levert een bijdrage aan een schoner binnenmilieu door rookverboden op de werkplek, horeca en andere openbare ruimten. Daarnaast probeert de overheid met behulp van voorlichting de kwaliteit van het binnenmilieu in woningen, scholen en kindercentra te bevorderen. Voorbeelden van voorlichting zijn de informatie van Milieu Centraal over het belang van ventileren.

Eisen in Bouwbesluit voor schoner binnenmilieu

Het Bouwbesluit 2012 stelt dat de aanwezigheid van schadelijke stoffen en ioniserende straling in bouwwerken beperkt moet zijn met het oog op de gezondheid. Zo bestaat er voor spaanplaat een KOMO keurmerk, dat garandeert dat de plaatmaterialen voldoen aan de gestelde norm voor het vrijkomen van formaldehyde. Ook bevat het Bouwbesluit bepalingen over vocht, vooral waar het gaat om schimmel- en allergeenvorming. Om de lucht in woningen te verversen gelden er minimumeisen ten aanzien van de aan- en afvoercapaciteit van lucht. Als deze capaciteit maximaal gebruikt wordt in ruimten met gewone aantallen mensen en zonder bijzondere bronnen, dan voldoet de ventilatie vaak aan het advies van de Gezondheidsraad ( Gezondheidsraad 1984 Gezondheidsraad, Advies inzake het binnenhuisklimaat, in het bijzonder een ventilatieminimum, in Nederlandse woningen, Den Haag (1984) Gezondheidsraad 2013 Gezondheidsraad, Een gezond binnenmilieu in de toekomst, Den Haag (2013) ). In veel woningen is de capaciteit echter al bij oplevering kleiner door fouten bij de aanleg en kan vervolgens ook nog snel afnemen door gebrekkig onderhoud ( Jongeneel et al. 2011 Jongeneel, W. P., Bogers, R. P., van Kamp, I., Kwaliteit van mechanische ventilatiesystemen in nieuwbouw eengezinswoningen en bewonersklachten, Bilthoven (2011) van Dijken & Boersma 2011 van Dijken, F., Boersma, A. C., Onderzoek naar de kwaliteit van ventilatiesystemen in nieuwbouw eengezinswoningen, Rotterdam (2011) ).

Meer informatie

experts en redacite

  • W.P. Jongeneel (RIVM)
  • R. Bogers (RIVM)
  • P.H. Fischer † (RIVM)
  • M. Harbers, red. (RIVM)