Nieuwe gevallen longontsteking 2021

Sla de grafiek Nieuwe gevallen longontsteking in huisartsenpraktijk 2021 over en ga naar de datatabel

Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

  • ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care)-code R81

Ongeveer 132.700 nieuwe gevallen van longontsteking

In 2021 zijn er naar schatting 132.700 nieuwe gevallen van longontsteking geregistreerd door de huisarts: 65.900 bij mannen en 66.800 bij vrouwen (7,6 per 1.000 mannen en 7,6 per 1.000 vrouwen). Het aantal nieuwe gevallen neemt toe met de leeftijd voor zowel mannen als vrouwen. Ook onder jonge kinderen is het aantal nieuwe gevallen hoger. De cijfers zijn gebaseerd op de Nivel Zorgregistraties eerste lijn. Hierin wordt bij longontsteking niet het aantal patiënten geregistreerd maar het aantal ziekte-episoden op basis van diagnose. Eén patiënt kan meer dan 1 ziekte-episode De periode tussen het moment dat de diagnose wordt gesteld en het moment dat de ziekte is genezen of de patiënt is overleden. (De periode tussen het moment dat de diagnose wordt gesteld en het moment dat de ziekte is genezen of de patiënt is overleden.) per jaar hebben.


150.300 nieuwe gevallen van acute bronchi(oli)tis

In 2021 zijn naar schatting 150.300 nieuwe gevallen van acute bronchitis en bronchiolitis door de huisarts geregistreerd: 67.300 bij mannen en 83.000 bij vrouwen (7,7 per 1.000 mannen en 9,4 per 1.000 vrouwen). Acute bronchi(oli)tis komt veel voor bij kinderen (vooral bij jongens) onder de 4 jaar en eveneens bij ouderen. De cijfers zijn gebaseerd op de Nivel Zorgregistraties eerste lijn. In de huisartsenregistraties worden bronchitis en bronchiolitis niet afzonderlijk geregistreerd. Ook wordt bij acute bronchi(oli)tis niet het aantal patiënten geregistreerd maar het aantal ziekte-episoden op basis van diagnose. Eén patiënt kan meer dan 1 ziekte-episode De periode tussen het moment dat de diagnose wordt gesteld en het moment dat de ziekte is genezen of de patiënt is overleden. (De periode tussen het moment dat de diagnose wordt gesteld en het moment dat de ziekte is genezen of de patiënt is overleden.) per jaar hebben.


Aantal nieuwe gevallen longontsteking 2011-2021

Sla de grafiek Nieuwe gevallen longontsteking in huisartsenpraktijk 2011-2021 over en ga naar de datatabel

Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

  • ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care)-code R81
  • Gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 2021
  • De absolute cijfers (niet-gestandaardiseerd) zijn zichtbaar in de tabelweergave.

Aantal nieuwe diagnoses longontsteking afgenomen 

Het aantal door de huisarts nieuw gediagnosticeerde gevallen van longontsteking is in de periode 2011-2021 voor zowel mannen als vrouwen afgenomen. Deze trend is gecorrigeerd voor veranderingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie). Het aantal nieuwe diagnoses was in de COVID-19-jaren 2020 en 2021 kleiner ten opzichte van het  jaar 2019.  Het is niet te achterhalen of longontsteking daadwerkelijk minder voorkwam in 2020 en 2021 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze aandoening werd bezocht (Nielen et al. 2021Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021)).
Het per jaar geschatte en ongecorrigeerde aantal nieuwe diagnoses van longontsteking is bij zowel mannen als vrouwen afgenomen in de periode 2011-2021. Voor mannen nam dit aantal af van 113.300 in 2011 naar 65.900 in 2021. Voor vrouwen is dit aantal afgenomen van 110.700 in 2011 naar 66.800 in 2021.

Mogelijk lagere aantallen in 2020 en 2021 door COVID-19

In de jaren 2020 en 2021 zijn de cijfers over door huisartsen geregistreerde klachten en aandoeningen beïnvloed door de COVID-19-uitbraak en de daarvoor genomen landelijke maatregelen. Ook zijn de jaarcijfers mogelijk beïnvloed door de uitgestelde zorg in ziekenhuizen. In 2020 was het aantal nieuw geregistreerde gevallen en/of de prevalentie Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief. (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van een groot aantal klachten en aandoeningen afgenomen ten opzichte van het jaar 2019. Het is niet te achterhalen of deze klachten en aandoeningen daadwerkelijk minder voorkwamen in 2020 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze klachten werd bezocht (Nielen et al. 2021Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021)). Het totaal aantal ziekteregistraties lag in 2021, na een daling in 2020, weer op hetzelfde niveau als in 2019. Dit wijst erop dat de COVID-19-uitbraak minder invloed heeft gehad op de cijfers van 2021 (Heins et al. 2022Heins, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, de Leeuw, Urbanus, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2021 en trendcijfers 2017-2021, Utrecht (2022)).


Aantal nieuwe gevallen acute bronchi(oli)tis 2011-2021

Sla de grafiek Nieuwe gevallen acute bronchi(oli)tis in huisartsenpraktijk 2011-2021 over en ga naar de datatabel

Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

  • ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care)-code R78
  • Gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 2021
  • De absolute cijfers (niet-gestandaardiseerd) zijn zichtbaar in de tabelweergave

Aantal nieuwe diagnoses acute bronchi(oli)tis afgenomen

Het aantal door de huisarts nieuw gediagnosticeerde gevallen van acute bronchi(oli)tis is in de periode 2011-2021 afgenomen, voor zowel mannen als vrouwen. Deze trend is gecorrigeerd voor veranderingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie). Het aantal nieuwe diagnoses was in de COVID-19-jaren 2020 en 2021 duidelijk kleiner dan in de jaren ervoor.  Het is niet te achterhalen of acute bronchi(oli)tis daadwerkelijk zoveel minder voorkwam in 2020 en 2021 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze aandoening werd bezocht (Nielen et al. 2021Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021)).
Ook het per jaar geschatte en ongecorrigeerde aantal nieuw diagnoses van acute bronchi(oli)tis is bij zowel mannen als vrouwen afgenomen. Voor mannen nam dit aantal af van 208.800 in 2011 naar 67.300 in 2021. Voor vrouwen is dit aantal afgenomen van 267.100 in 2011 naar 83.000 in 2021 (absolute aantallen zichtbaar in de tabelweergave).

Mogelijk lagere aantallen in 2020 en 2021 door COVID-19

In de jaren 2020 en 2021 zijn de cijfers over door huisartsen geregistreerde klachten en aandoeningen beïnvloed door de COVID-19-uitbraak en de daarvoor genomen landelijke maatregelen. Ook zijn de jaarcijfers mogelijk beïnvloed door de uitgestelde zorg in ziekenhuizen. In 2020 was het aantal nieuw geregistreerde gevallen en/of de prevalentie Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief. (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van een groot aantal klachten en aandoeningen afgenomen ten opzichte van het jaar 2019. Het is niet te achterhalen of deze klachten en aandoeningen daadwerkelijk minder voorkwamen in 2020 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze klachten werd bezocht (Nielen et al. 2021Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021)). Het totaal aantal ziekteregistraties lag in 2021, na een daling in 2020, weer op hetzelfde niveau als in 2019. Dit wijst erop dat de COVID-19-uitbraak minder invloed heeft gehad op de cijfers van 2021 (Heins et al. 2022Heins, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, de Leeuw, Urbanus, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2021 en trendcijfers 2017-2021, Utrecht (2022)).


Verwachte stijging aantal nieuwe gevallen door alleen demografie

Op basis van uitsluitend demografische ontwikkelingen zal het absoluut aantal nieuwe gevallen van infecties van de onderste luchtwegen in de periode 2018-2040 naar verwachting met 27% stijgen. Voor mannen zal de stijging naar verwachting 31% zijn en voor vrouwen 24%. De toename zal groter of kleiner kunnen zijn door andere (niet-demografische) ontwikkelingen die de kans op het vóórkomen van infecties van de onderste luchtwegen beïnvloeden.


  • J.W. Vanhommerig (NIVEL Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg (Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg))
  • M.J.J.C. Poos (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
  • H.B.M. Hilderink (RIVM)
  • M. Harbers, red. (RIVM)
  • A.M. Gommer, red. (RIVM)