Toelichting bij de tabel

* De internationale vergelijking laat zien hoe Nederland presteert ten opzichte van andere hoge-inkomenslanden. Aan de hand van kwartielen geven de gekleurde vlakjes weer in welke scorecategorie Nederland valt. De scores lopen van 1 tot en met 4, waarbij van links naar rechts geldt:

1 = zeer ongunstig, 2 = ongunstig, 3 = gunstig en 4 = zeer gunstig.

** Deze indicatoren hebben geen individuele achtergrondpagina. Voor deze indicatoren verwijzen we naar het betreffende onderwerp binnen VZinfo of een kerncijferpagina in De Staat VenZ, waar meer informatie en toelichting te vinden is over de cijfers.

Postoperatieve complicaties

IndicatorInternationale vergelijking3-jarige trend
 

per 100.000 personen

  
Postoperatieve longembolie na heup- of knievervanging
Verslagjaar: 2023

211 

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

Dalend; gunstigh

Dalend; gunstig

Postoperatieve diep veneuze trombose na heup- of knievervanging
Verslagjaar: 2023

66,5 

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

Dalend; gunstigh

Dalend; gunstig

Postoperatieve sepsis na operaties in de buik of in het bekken
Verslagjaar: 2023

923

Nederland scoort gunstig

Gunstig

stabiel

Stabiel

Interpretatie indicator

Longembolie (PE), diep-veneuze trombose (DVT) en sepsis zijn ernstige complicaties na een operatie. Ze kunnen leiden tot langere opnames, heropnames, blijvende gezondheidsschade en soms overlijden. Patiënten die een grote operatie hebben ondergaan, zoals een heup- of knieprothese, lopen een verhoogd risico op bloedstolsels door verminderde mobiliteit. Daarom is goede risicobeoordeling en preventieve behandeling, zoals antistolling of het dragen van compressiekousen, essentieel.

Operaties in de buik of in het bekken zijn vaak complexe en lange ingrepen. Daardoor is het risico op ernstige infecties en sepsis hoog. Sepsis is een veelvoorkomende en oorzaak van ziekenhuissterfte, kan leiden tot langdurige gezondheidsproblemen en veroorzaakt aanzienlijke kosten. Het optreden van sepsis geldt als een belangrijke waarschuwingsindicator voor patiëntveiligheid en kwaliteit van infectiepreventie.

De indicatoren meten of patiënten binnen 30 dagen na de operatie een van deze complicaties krijgen, zowel tijdens de opname als na ontslag. Een hogere waarde betekent dat ernstige complicaties relatief vaker voorkomen. Dit kan wijzen op tekortschietende preventie of nazorg. Een lagere waarde wijst op veiligere zorg en betere uitkomsten, al kunnen verschillen in registratie en patiëntkenmerken een rol spelen bij internationale vergelijking.

Postoperatieve longembolie na heup- of knieprothese

Internationaal

Sla de grafiek 'Postoperatieve longembolie 30 dagen na knie- of heupvervanging' over en ga naar de datatabel

Bron: OECD Health Statistics

  • Naast de mediaan van alle OECD-landen tonen we ook de mediaan van een groep referentielanden: België, Duitsland, Zweden, Denemarken, Noorwegen, Finland, Oostenrijk, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Zwitserland en Spanje. Deze landen hebben een zorgstelsel en sociaal-economische context die goed vergelijkbaar zijn met Nederland. De mediaan wordt berekend over deze landen voor zover de benodigde data beschikbaar zijn (bij sommige indicatoren kan voor één of meer landen data ontbreken).

Postoperatieve diep veneuze trombose na heup- of knieprothese

Internationaal

Sla de grafiek 'Postoperatieve diep veneuze trombose 30 dagen na heup- of knievervanging' over en ga naar de datatabel

Bron: OECD Health Statistics

  • Naast de mediaan van alle OECD-landen tonen we ook de mediaan van een groep referentielanden: België, Duitsland, Zweden, Denemarken, Noorwegen, Finland, Oostenrijk, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Zwitserland en Spanje. Deze landen hebben een zorgstelsel en sociaal-economische context die goed vergelijkbaar zijn met Nederland. De mediaan wordt berekend over deze landen voor zover de benodigde data beschikbaar zijn (bij sommige indicatoren kan voor één of meer landen data ontbreken).

Postoperatieve sepsis na operaties in de buik of in het bekken

Internationaal

Sla de grafiek 'Postoperatieve sepsis na operaties in de buik of in het bekken' over en ga naar de datatabel

Bron: OECD Health Statistics

  • Naast de mediaan van alle OECD-landen tonen we ook de mediaan van een groep referentielanden: België, Duitsland, Zweden, Denemarken, Noorwegen, Finland, Oostenrijk, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Zwitserland en Spanje. Deze landen hebben een zorgstelsel en sociaal-economische context die goed vergelijkbaar zijn met Nederland. De mediaan wordt berekend over deze landen voor zover de benodigde data beschikbaar zijn (bij sommige indicatoren kan voor één of meer landen data ontbreken).

Verantwoordingstabel

 Toelichting
Berekening postoperatieve longembolieTeller: Aantal patiënten uit de noemer die een longembolie hebben gekregen:
– Vastgesteld als secundaire diagnose tijdens de chirurgische opname, of
– Vastgesteld tijdens een heropname binnen 30 dagen na de operatie (in hetzelfde of een ander ziekenhuis)

Noemer: Alle ontslagen patiënten ≥15 jaar na een heup- of knieprothese waarbij een operatieve procedure in de OK heeft plaatsgevonden.
Toelichting bij de berekening

Per patiënt wordt één opname meegeteld. 

Exclusies:

  • Obstetrische opnames
  • Procedure voor onderbreking of filterplaatsing in de vena cava vóór of op operatiedag
  • Longembolie aanwezig bij opname (reeds bekende PE)
  • Heropnames >30 dagen na de operatie tellen niet meer mee
Berekening postoperatieve trombose

Teller: Aantal patiënten uit de noemer die een diep veneuze trombose hebben gekregen:
– Vastgesteld als secundaire diagnose tijdens de chirurgische opname, of
– Vastgesteld tijdens een heropname binnen 30 dagen na de operatie (in hetzelfde of een ander ziekenhuis)

Noemer: Alle ontslagen patiënten ≥15 jaar na een heup- of knieprothese waarbij een operatieve procedure in de OK heeft plaatsgevonden.
Per patiënt wordt één opname meegeteld.

Toelichting bij de berekening

Per patiënt wordt één opname meegeteld. Diep veneuze trombose (DVT) na een operatie wordt vaak buiten het ziekenhuis vastgesteld en behandeld, bijvoorbeeld door de huisarts of op de polikliniek. Deze indicator telt alleen DVT-gevallen mee die tijdens een ziekenhuisopname worden vastgesteld. Daardoor onderschat de indicator het daadwerkelijke optreden van postoperatieve DVT. De mate van onderschatting kan tussen landen verschillen, afhankelijk van de organisatie van de zorg en de rol van huisartsenzorg en poliklinische diagnostiek en behandeling.

Exclusies: 

  • Obstetrische opnames
  • Procedure voor onderbreking of filterplaatsing in de vena cava vóór of op operatiedag
  • Als bij dezelfde patiënt ook longembolie optreedt → wordt alleen in de longembolie-indicator geteld
  • DVT aanwezig bij opname (reeds bekende DVT)
  • Heropnames >30 dagen na de operatie tellen niet meer mee
Berkening postoperatieve sepsis Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging. (Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging.)

Teller: Aantal patiënten uit de noemer die sepsis hebben gekregen:
– Vastgesteld als secundaire diagnose tijdens de chirurgische opname, of
– Vastgesteld tijdens een heropname binnen 30 dagen na de operatie (in hetzelfde of een ander ziekenhuis)

Noemer: Alle ontslagen patiënten ≥15 jaar na een operatieve ingreep in de buik- en/of bekkenregio waarbij een procedure in de OK heeft plaatsgevonden.
Per patiënt wordt één opname meegeteld.

Toelichting bij de berekening

Per patiënt wordt één opname meegeteld

Exclusies:

  • Obstetrische opnames
  • Infectie aanwezig bij opname (reeds bekende infectie)
  • Immunosuppressie of kanker
  • Sepsis aanwezig bij initiële opname (reeds bekende sepsis)
  • Opnameduur <3 dagen bij de initiële opname
  • Sepsisgevallen vastgesteld bij een heropnames >30 dagen na de operatie tellen niet meer mee
BronOECD Health Statistics

  • S. Brukx (RIVM)
  • R. Gijsen (RIVM)