Toelichting bij de tabel

* De internationale vergelijking laat zien hoe Nederland presteert ten opzichte van andere hoge-inkomenslanden. Aan de hand van kwartielen geven de gekleurde vlakjes weer in welke scorecategorie Nederland valt. De scores lopen van 1 tot en met 4, waarbij van links naar rechts geldt:

1 = zeer ongunstig, 2 = ongunstig, 3 = gunstig en 4 = zeer gunstig.

** Deze indicatoren hebben geen individuele achtergrondpagina. Voor deze indicatoren verwijzen we naar het betreffende onderwerp binnen VZinfo of een kerncijferpagina in De Staat VenZ, waar meer informatie en toelichting te vinden is over de cijfers.

Overledenen met twee of meer acute ziekenhuisopnamen kort voor overlijden

IndicatorInternationale vergelijking3-jarige trend

Percentage

  

30 dagen voor overlijden
Verslagjaar: 2023

 

Alle doodsoorzaken (exclusief externe oorzaken)

3,0

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

Dalend; gunstig

Dalend; gunstig

Dementie

0,12

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stabiel

Stabiel

Kanker

3,6

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stijgend; ongunstig

Stijgend; ongunstig

Hart- en vaatziekten

3,1

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stijgend; ongunstig

Stijgend; ongunstig

Chronische respiratoire aandoeningen

4,3

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stijgend; ongunstig

Stijgend; ongunstig

180 dagen voor overlijden
Verslagjaar: 2023

 

Alle doodsoorzaken (exclusief externe oorzaken)

13,7

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stabiel

Stabiel

Dementie

1,48

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stabiel

Stabiel

Kanker

18,9

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stabiel

Stabiel

Hart- en vaatziekten

12,8

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stijgend; ongunstig

Stijgend; ongunstig

Chronische respiratoire aandoeningen

19,5

Nederland scoort zeer gunstig

Zeer gunstig

stijgend; ongunstig

Stijgend; ongunstig

Interpretatie indicatoren

Deze indicatoren geven aan hoeveel mensen twee keer of vaker acuut zijn opgenomen in een ziekenhuis kort voor hun overlijden. De ene indicator meet dat voor de laatste 30 dagen van het leven, het andere voor de laatste 180 dagen van het leven. Als er vaak ongeplande ziekenhuisopnamen plaatsvinden in de laatste levensfase, kan dat erop wijzen dat er geen gesprek over levenseinde/behandelwensen heeft plaatsgevonden, er een tekortkomingen in de toegang tot palliatieve zorg buiten het ziekenhuis is of dat er onvoldoende mogelijkheden zijn om een plotselinge achteruitgang in de thuissituatie of in een zorginstelling op te vangen. Soms kan een acute ziekenhuisopname zeker nodig zijn, maar als de voordelen niet langer opwegen tegen de mogelijk negatieve effecten is sprake van ‘potentieel niet-passende zorg’.

Bij duiding van internationale verschillen spelen cultuur, zorgstructuur en beschikbaarheid van professionals buiten het ziekenhuis (specialisten ouderengeneeskunde) ook een rol. De indicatoren zijn berekend voor vier belangrijke groepen van doodsoorzaken – veelal chronische aandoeningen - en voor het totaal van alle doodsoorzaken waarbij het overlijden niet veroorzaakt werd door een externe oorzaak

Trend in de periode van 30 dagen voor overlijden

Internationaal in de periode van 30 dagen voor overlijden

Trend in de periode van 180 dagen voor overlijden

Internationaal in de periode van 180 dagen voor overlijden

Hart- en vaatziekten

Sla de grafiek 'Overledenen met twee of meer acute ziekenhuisopnamen ' over en ga naar de datatabel

Bron: OECD Health Statistics

  • Naast de mediaan van alle OECD-landen tonen we ook de mediaan van een groep referentielanden: België, Duitsland, Zweden, Denemarken, Noorwegen, Finland, Oostenrijk, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Zwitserland en Spanje. Deze landen hebben een zorgstelsel en sociaal-economische context die goed vergelijkbaar zijn met Nederland. De mediaan wordt berekend over deze landen voor zover de benodigde data beschikbaar zijn (bij sommige indicatoren kan voor één of meer landen data ontbreken).

Verantwoordingstabel

 Toelichting
BerekeningTeller: aantal personen dat in de periode van 30, respectievelijk 180 dagen voor het overlijden twee keer of vaker acuut is opgenomen in het ziekenhuis
Noemer:  aantal personen dat in een bepaald kalenderjaar is overleden
Groepen van doodsoorzaken (ICD-10-codes)

De indicatoren worden berekend voor het totaal van alle doodsoorzaken en voor vier groepen van doodsoorzaken:

  • Alle doodsoorzaken, exclusief externe oorzaken (alle ICD-10 International Classification of Diseases, tenth revision (International Classification of Diseases, tenth revision)-codes, met uitzondering van V00-Y99);
  • Kanker (C00-D49);
  • Hart- en vaatziekten, exclusief beroerte (I00-I52);
  • Chronische respiratoire aandoeningen (J40-J47, J96);
  • Dementie (ICD-codes F00-F03, G30, R54).
Toelichting acute opnameEen acute opname is een opname die niet kan worden uitgesteld omdat onmiddellijke behandeling of hulpverlening binnen 24 uur noodzakelijk is. 
BronOECD, 2024 OECD, Why is care at the end of life not matching people’s preferences? (2024) (OECD, Why is care at the end of life not matching people’s preferences? (2024))Man et al., 2024 Man, Y., Oosterveld, M., Heins, M., Teunissen, S., Reyners, A., Fransen, H., Middelburg-Hebly, M., Cramer-van der Welle, C., Onwuteaka-Philipsen, B., Francke, A., Kenmerken van de populatie en gebruik van ziekenhuis- en huisartsenzorg in 2021: een actualisatie van factsheet 1 met cijfers over 2017. Palliatieve zorg in Nederland: feiten en cijfers., Utrecht (2024) (Man, Y., Oosterveld, M., Heins, M., Teunissen, S., Reyners, A., Fransen, H., Middelburg-Hebly, M., Cramer-van der Welle, C., Onwuteaka-Philipsen, B., Francke, A., Kenmerken van de populatie en gebruik van ziekenhuis- en huisartsenzorg in 2021: een actualisatie van factsheet 1 met cijfers over 2017. Palliatieve zorg in Nederland: feiten en cijfers., Utrecht (2024))Palliaweb, 2024 Palliaweb, Kerncijfers palliatieve zorg nu uitgebreid met indicatoren potentieel niet-passende zorg, Utrecht (2024) (Palliaweb, Kerncijfers palliatieve zorg nu uitgebreid met indicatoren potentieel niet-passende zorg, Utrecht (2024))

  • M. Gommer (RIVM)
  • R. Gijsen (RIVM)