Zorguitgaven bloeddruk naar sector 2019

Sla de grafiek Zorguitgaven verhoogde bloeddruk naar sector 2019 over en ga naar de datatabel

Bron: Kosten van Ziekten

  • Geraamde cijfers
  • ICD-10 International Classification of Diseases, tenth revision (International Classification of Diseases, tenth revision) codes: I10-I13, I15 ( hypertensie verhoogde bloeddruk (verhoogde bloeddruk ))

Zorguitgaven in 2019 voor verhoogde bloeddruk 387 miljoen

In 2019 bedroegen de geraamde uitgaven van zorg voor hoge bloeddruk ( hypertensie verhoogde bloeddruk (verhoogde bloeddruk )) 386,8 miljoen euro. Dit komt overeen met 5,7% van de totale zorguitgaven voor ziekten van het hart- en vaatstelsel en 0,40% van de totale uitgaven voor de gezondheidszorg in Nederland. Van de zorguitgaven voor hoge bloeddruk werd meer dan de helft besteed aan genees- en hulpmiddelen (51%, 198 miljoen euro). Daarnaast werd 21% (83 miljoen euro) besteed aan ziekenhuiszorg en 17% (68 miljoen euro) aan eerstelijnszorg .

 


Zorguitgaven bloeddruk naar leeftijd en geslacht 2019

Sla de grafiek Zorguitgaven verhoogde bloeddruk naar leeftijd en geslacht 2019 over en ga naar de datatabel

Bron: Kosten van Ziekten

  • Geraamde cijfers
  • ICD-10 International Classification of Diseases, tenth revision (International Classification of Diseases, tenth revision) codes: I10-I13, I15 ( hypertensie verhoogde bloeddruk (verhoogde bloeddruk ))

Meeste zorguitgaven voor verhoogde bloeddruk op hogere leeftijd

De meeste zorguitgaven voor verhoogde bloeddruk ( hypertensie verhoogde bloeddruk (verhoogde bloeddruk )) worden gemaakt op hogere leeftijd, omdat de aandoening vooral bij ouderen voorkomt. Voor personen jonger dan 45 jaar worden er nauwelijks zorguitgaven gemaakt voor hoge bloeddruk. De hoogste zorguitgaven worden gemaakt in de leeftijdsgroep 70 tot 75 jaar. De zorguitgaven zijn vrijwel gelijk verdeeld over vrouwen (52%) en mannen (48%).


  • A.C. de Weerdt ( RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
  • S. Gouwens (RIVM)
  • M.A. Koopmanschap (RIVM en  EUR Erasmus Universiteit Rotterdam (Erasmus Universiteit Rotterdam))
  • A. van der Meer (RIVM)
  • G.J. Kommer (RIVM)