Puntprevalentie zorginfecties in ziekenhuizen
Sla de grafiek 'Puntprevalentie zorginfecties in ziekenhuizen 2025' over en ga naar de datatabelBron: PREZIES
- Urineweginfecties = symptomatische urineweginfecties
- (Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging. )/bacteriëmie = primaire- en secundaire sepsis
- Infecties van de onderste luchtwegen = longontsteking, COVID-19 en andere lagere luchtweginfecties
Prevalentie zorginfecties in ziekenhuizen is 4,4 per 100 patiënten
In het prevalentieonderzoek (Preventie van Ziekenhuisinfecties door Surveillance) werd in 2025 de (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment, absoluut of relatief.) van zorginfecties vastgesteld op gemiddeld 4,4 zorginfecties per 100 beoordeelde patiënten ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ). Zorgverleners (voornamelijk deskundigen infectiepreventie) beoordeelden in dat jaar 5.626 patiënten en registreerden bij 231 patiënten in totaal 249 ziekenhuisinfecties (op basis van hoofdgroepen). Bij sommige patiënten werd dus meer dan één zorginfectie gerapporteerd. In 2025 namen in totaal 19 ziekenhuisinstellingen met 22 ziekenhuislocaties deel aan het prevalentieonderzoek. Zie ook Kanttekeningen bij de cijfers. De meest voorkomende zorginfecties gemeten in dit prevalentieonderzoek waren in dat jaar postoperatieve wondinfecties (POWI’s), infecties van de onderste luchtwegen (inclusief COVID-19), (Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging.) en symptomatische urineweginfecties. Met ingang van de jaarrapportage 2021-2025 worden de totaalcijfers gevormd door de som van deze vier afzonderlijke zorginfecties.
Verschillen in prevalentie zorginfecties tussen typen ziekenhuizen
De (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van zorginfecties verschilt tussen de verschillende typen ziekenhuizen. De prevalentie is in universitair medische centra gemiddeld hoger dan in basisziekenhuizen. Dit verschil wordt deels veroorzaakt door verschillen in patiëntenpopulatie; patiënten in een topklinisch en academisch ziekenhuis hebben relatief meer risicofactoren voor zorginfecties ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ).
Zorginfecties ontstaan tijdens of in aansluiting op verblijf in zorginstelling
Zorginfecties zijn infecties die ontstaan tijdens of in aansluiting op het verblijf of behandeling in een zorginstelling (ziekenhuis, zelfstandig behandelcentrum, verpleeghuis) ( Smid, E. A., Hopmans, T. E. M., de Greeff, S.C., Koek, M. B. G., Daling van de prevalentie van zorginfecties in ziekenhuizen (2013) ). De zorginfecties zijn vaak het gevolg van invasieve handelingen, zoals operaties die plaatsvinden in een zorginstelling of het gebruik van medische hulpmiddelen, waaronder katheters, en/of van de verminderde weerstand van de patiënt.
Zorginfecties komen het vaakst voor bij patiënten ouder dan 50 jaar en op intensive care
Het voorkomen van zorginfecties in 2025 is hoger bij patiënten ouder dan 50 jaar en bij patiënten op de afdeling intensive care vergeleken met patiënten jonger dan 50 jaar en met niet (Intensive care. Op een IC-afdeling worden patiënten opgenomen bij wie de vitale functies gestoord of ernstig bedreigd zijn en bij wie vaak ademhaling, bloedsomloop en nierfunctie bewaakt en gedeeltelijk of geheel worden ondersteund of overgenomen.)-patiënten ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ).
Trend in puntprevalentie totaal en per zorginfectie in ziekenhuizen
Sla de grafiek 'Puntprevalentie in ziekenhuizen 2015-2025' over en ga naar de datatabelBron: PREZIES
- (Postoperatieve wondinfecties) = postoperatieve wondinfecties
- Urineweginfecties = symptomatische urineweginfecties
- (Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging. )/bacteriëmie = primaire- en secundaire sepsis
- Infecties van de onderste luchtwegen = longontsteking en andere lagere luchtweginfecties, sinds 2021 inclusief COVID-19
- Met ingang van de jaarrapportage 2021-2025 worden de totaalcijfers gevormd door de som van de vier afzonderlijke zorginfecties (POWI, sepsis/bacteriëmie, infecties van de onderste luchtwegen en symptomatische urineweginfecties). Voor eerdere jaren is met terugwerkende kracht ook het totaal voor de vier hoofdgroepen berekend.
- In de periode 2021-2025 deden minder ziekenhuizen mee aan de surveillance (16-25) dan in eerdere jaren (>30 ziekenhuizen). De hieronder gepresenteerde landelijke referentiecijfers zijn daarom mogelijk minder representatief voor Nederland dan voorheen.
Prevalentie zorginfecties in ziekenhuizen in 2025 gedaald
De (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment, absoluut of relatief.) van zorginfecties in de ziekenhuizen die aan (Preventie van Ziekenhuisinfecties door Surveillance) deelnemen, is in 2025 significant lager dan gemiddeld over de afgelopen drie jaar ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ). Door wisselende deelname van ziekenhuizen is het echter lastig de data goed te duiden. De daling is ook te zien in elk van de vier groepen infecties, te weten postoperatieve wondinfecties, luchtweginfecties (pneumonieën en andere lage luchtweginfecties), (Sepsis is een klinisch syndroom dat gekenmerkt wordt door een algemene ontstekingsreactie van het hele lichaam op een infectie. Het is een zeer ernstige aandoening met een aanzienlijke kans dat de patiënt in korte tijd overlijdt. Vaak wordt het omschreven als bloedvergiftiging.) en urineweginfecties. De daling voor deze afzondelijke groepen is echter niet significant, met uitzondering van luchtweginfecties in de laatste twee jaar ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ). Het wegvallen van het meetmoment in oktober kan vanwege seizoensinvloeden gevolgen hebben voor de vergelijkbaarheid van trends over de tijd ( RIVM, PREZIES. Referentiecijfers 2019 t/m 2023: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2023) ). Zie ook Kanttekeningen bij de cijfers.
Kanttekeningen bij de cijfers
De cijfers gelden voor ziekenhuizen die deelnemen aan (Preventie van Ziekenhuisinfecties door Surveillance), een landelijk surveillancenetwerk voor zorginfecties in ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra. In 2025 namen in totaal 19 ziekenhuisinstellingen met 22 ziekenhuislocaties deel. In de periode 2021-2025 deden minder ziekenhuizen mee aan de surveillance (16-25) dan in eerdere jaren (>30 ziekenhuizen). De gepresenteerde landelijke referentiecijfers zijn daarom mogelijk minder representatief voor Nederland dan voorheen ( RIVM, PREZIES Referentiecijfers 2021 t/m 2025: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2025) ). Tot en met 2022 werd twee maal per jaar in één maand (maart en oktober) de (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van zorginfecties gemeten. Het gaat daarbij om infecties die aanwezig zijn of worden behandeld op het moment van deze meting ( RIVM, PREZIES. Referentiecijfers 2019 t/m 2023: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2023) ). Per 2023 kunnen ziekenhuizen alleen nog in maart deelnemen aan het onderzoek. Het wegvallen van het meetmoment in oktober kan vanwege seizoensinvloeden gevolgen hebben voor de vergelijkbaarheid van trends over de tijd ( RIVM, PREZIES. Referentiecijfers 2019 t/m 2023: Prevalentieonderzoek zorginfecties ziekenhuizen, Bilthoven (2023) ).
- M.M. Harbers, red. (RIVM)