Borstkanker absoluut

Sla de grafiek 'Nieuwe gevallen van borstkanker naar leeftijd 2025' over en ga naar de datatabel

Bron: Nederlandse Kankerregistratie (NKR) beheerd door IKNL, cijfers ontvangen op 5 maart 2026

Borstkanker relatief

Sla de grafiek 'Nieuwe gevallen van borstkanker naar leeftijd 2025' over en ga naar de datatabel

Bron: Nederlandse Kankerregistratie (NKR) beheerd door IKNL, cijfers ontvangen op 5 maart 2026

Borstkanker is meest voorkomende kanker bij vrouwen

Borstkanker is de meest voorkomende kanker bij vrouwen. In 2025 bedroeg het aantal nieuw gediagnosticeerde gevallen van een invasieve vorm van borstkanker 1,68 per 1.000 vrouwen. Dit komt overeen met ongeveer 15.200 nieuwe gevallen. Bij een invasieve vorm van borstkanker groeit de borsttumor door in omliggend weefsel en blijft deze niet begrensd tot de klierstructuren van de borst.

Kans op borstkanker neemt toe met leeftijd

Bij vrouwen jonger dan 25 jaar komt borstkanker vrijwel niet voor. Vanaf 25 jaar neemt het aantal nieuwe gevallen toe. Het aantal geregistreerde nieuwe gevallen is in de leeftijdsgroepen vanaf 75 jaar relatief (per 1.000 vrouwen) kleiner dan in de drie jongere leeftijdsgroepen. Dit is het gevolg van het feit dat vrouwen vanaf de leeftijd van 75 jaar niet meer worden opgeroepen voor het bevolkingsonderzoek borstkanker. In de groep van gescreende vrouwen tot en met 74 jaar worden tumoren opgespoord die veelal nog niet duidelijk waarneembaar (klinisch manifest) zijn. Na beëindiging van deelname aan de screening duurt het even voor deze tumoren groot genoeg zijn om zich klinisch te manifesteren. 

Meeste borsttumoren groeien door in omliggend weefsel

Veruit de meeste borsttumoren zijn invasief en groeien door in omliggend weefsel. In 2025 werden ongeveer 1.925 vrouwen (voorlopig cijfer) gediagnosticeerd met een niet-invasieve borsttumor: ductaal carcinoma in situ (DCIS). Een niet-invasieve borsttumor blijft begrensd tot de klierstructuren van de borst. Uit DCIS kan wel een invasieve tumor ontstaan en DCIS kan daardoor een voorloper van borstkanker zijn.

124.000 vrouwen met borstkanker op 1-1-2025

Op 1 januari 2025 waren er ongeveer 124.000 vrouwen met invasieve borstkanker. Dit komt overeen met 13,67 per 1.000 vrouwen. Het betreft hier de tienjaarsprevalentie. Dit wil zeggen het aantal nog levende vrouwen dat in de loop van de tien jaar voorafgaand aan 1 januari 2025 de diagnose borstkanker heeft gekregen.


Borstkanker komt ook voor bij mannen

Niet alleen vrouwen krijgen borstkanker. In 2025 kregen 163 mannen de diagnose borstkanker, en op 1 januari 2025 waren er 899 mannen met borstkanker (tienjaarsprevalentie) (Bron: IKNL Nederlandse Kankerregistratie, voorlopige cijfers ontvangen op 5 maart 2026). De tienjaarsprevalentie is het aantal nog levende mannen dat in de loop van de tien jaar voorafgaand aan 1 januari 2025 de diagnose borstkanker heeft gekregen.


Borstkanker absoluut

Sla de grafiek 'Nieuwe gevallen van borstkanker 1989-2025' over en ga naar de datatabel

Bron: Nederlandse Kankerregistratie (NKR) beheerd door IKNL, cijfers ontvangen op 5 maart 2026

Borstkanker relatief

Sla de grafiek 'Nieuwe gevallen van borstkanker 1989-2025' over en ga naar de datatabel

Bron: Nederlandse Kankerregistratie (NKR) beheerd door IKNL, cijfers ontvangen op 18 maart 2026

Aantal nieuwe gevallen borstkanker gestabiliseerd

In de periode 1989-2025 is het absoluut aantal diagnosen borstkanker toegenomen van ongeveer 7.600 in 1989 naar 15.200 in 2025 (voorlopig cijfer). Vanaf 2021 is er sprake van een lichte daling. De aanvankelijke toename is deels toe te schrijven aan de invoering van het bevolkingsonderzoek naar borstkanker dat in 1988 van start is gegaan ( Visser, O., Siesling, SS., van de Kassteele, J., van Dijk, J., Incidence of cancer in the Netherlands 1999/2000, Utrecht (2003) ). De trend in tweede grafiek is gecorrigeerd voor ontwikkelingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie). Ook daar is een stijging te zien in de periode 1989-2025, maar minder sterk.

In 2020 minder diagnosen door COVID-19-uitbraak

Het aantal vrouwen bij wie borstkanker is vastgesteld, was in 2020 kleiner dan in voorgaande jaren (ongeveer 13.000). Het kleiner aantal diagnosen in 2020 wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door een tijdelijke onderbreking van het bevolkingsonderzoek naar borstkanker in verband met de COVID-19-uitbraak. Daarnaast spelen uitgestelde huisartsbezoeken en doorverwijzingen naar het ziekenhuis tijdens de COVID-19-uitbraak een rol. 

Bevolkingsonderzoek beïnvloedt aantal geregistreerde nieuwe gevallen

In de periode 1994-1998 is het aantal nieuwe gevallen van borstkanker vrijwel constant gebleven. Vanaf 1999 lag het aantal nieuwe gevallen op een iets hoger niveau, waarna het opnieuw stabiliseerde. Er zijn twee belangrijke factoren die de trend vanaf 1994 beïnvloed hebben en die tegengesteld werken:

  • Een groot deel van de langzaam groeiende tumoren is al in de eerste ronde van het bevolkingsonderzoek op borstkanker, begin jaren negentig, aan het licht gekomen. In de vervolgronden is het detectiecijfer van deze tumoren dan lager. Het gevolg is dat het aantal nieuwe gevallen daalt.
  • In 1999 is de bovengrens van de leeftijd waarop vrouwen worden uitgenodigd voor het bevolkingsonderzoek verhoogd naar 75 jaar ( Visser, O., Siesling, SS., van de Kassteele, J., van Dijk, J., Incidence of cancer in the Netherlands 1999/2000, Utrecht (2003) ). Tot dan toe werden vrouwen van 50 tot en met 70 jaar uitgenodigd om deel te nemen aan het onderzoek. Door deze uitbreiding van het bevolkingsonderzoek is het detectiecijfer van tumoren weer toegenomen en hiermee het aantal nieuw opgespoorde gevallen van borstkanker.

Staat van Volkgezondheid en Zorg: kerncijfers voor beleid:

  • T.K. Luth (IKNL)
  • T. Hazekamp, red. (RIVM)
  • H. Giesbers, red. (RIVM)