Resterende levensverwachting

Sla de grafiek Resterende levensverwachting 2021 over en ga naar de datatabel

Bron: CBS Doodsoorzakenstatistiek op  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) StatLine

Levensverwachting voor mannen 79,7 en voor vrouwen 83,0

In 2021 was de  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) bij geboorte 79,7 jaar voor mannen en 83,0 jaar voor vrouwen. De resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd was 18,6 jaar voor mannen en 21,2 voor vrouwen. Een 65-jarige man wordt naar verwachting dus 83,6 jaar en een 65-jarige vrouw 86,2 jaar. 

Vrouwen leven gemiddeld 3,3 jaar langer dan mannen

De levensverwachting bij geboorte was in 2021 voor vrouwen 3,3 jaar hoger dan voor mannen. Op 65-jarige leeftijd is de levensverwachting voor vrouwen nog steeds 2,6 jaar hoger dan die voor mannen. De resterende levensverwachting is voor vrouwen op iedere leeftijd groter dan voor mannen, maar met een toenemende leeftijd neemt het verschil in resterende levensverwachting wel af.

Verschil levensverwachting door kleinere sterftekansen vrouwen vanaf 65 jaar

Het verschil in levensverwachting bij geboorte tussen mannen en vrouwen is vooral een gevolg van de kleinere sterftekansen voor vrouwen van 65 jaar en ouder. Op jongere leeftijd sterven ook (iets) meer mannen dan vrouwen, maar dit verschil in sterfte heeft een klein effect op het geslachtsverschil in de levensverwachting, omdat op jonge leeftijd relatief weinig mensen overlijden.

Vrouwen leven meer jaren in ongezondheid

De levensverwachting wordt weergegeven in jaren. Die jaren kunnen worden opgedeeld in gezonde jaren en ongezonde jaren. En hoewel vrouwen gemiddeld ouder worden dan mannen, leven mannen en vrouwen gemiddeld ongeveer even lang in goede gezondheid. Vrouwen hebben dus meer ongezonde jaren. Deze worden doorgaans doorgebracht in 'lichte' ongezondheid. Zie ook Gezonde levensverwachting.


Levensverwachting: Overleving

Sla de grafiek Overlevingskansen 2021 over en ga naar de datatabel

Bron: CBS Doodsoorzakenstatistiek op  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) Statline

Overlevingskans voor vrouwen op iedere leeftijd groter

De overlevingskans van vrouwen is op iedere leeftijd beter dan voor mannen. Zo is het percentage vrouwen dat nog leeft op basis van sterfte in 2021 en een hypothetisch geboortecohort op 80-jarige leeftijd 71,2%, terwijl dit voor mannen 60,7% is. Op hogere leeftijd zijn de verschillen groter dan op lagere leeftijd. Het is goed te zien dat de lijnen in de grafiek voor mannen en vrouwen vanaf 60 jaar uit elkaar gaan lopen.


In 2021 levensverwachting gelijk na daling in 2020 door COVID-19

Als gevolg van de sterfte aan COVID-19 was de  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) bij geboorte in 2020 voor zowel mannen als vrouwen lager dan in voorgaande jaren. In 2021 is de levensverwachting ongeveer gelijk gebleven ten opzichte van 2020. De afname in levensverwachting bij geboorte is voor mannen iets groter dan voor vrouwen.

Levensverwachting voor mannen sinds 1970 sterk gestegen

De levensverwachting bij geboorte voor mannen is in de periode 1950-2021 met 9,3 jaar toegenomen, van 70,3 tot 79,7 jaar. De levensverwachting was in de periode 1950-1975 vrijwel constant. Daarna steeg de levensverwachting voor mannen sterk, vooral in de periode 2002-2010.

Levensverwachting vrouwen stijgt sinds 2002 sterk

De levensverwachting bij geboorte voor vrouwen is in de periode 1950-2021 met 10,3 jaar toegenomen, van 72,6 tot 83,0 jaar. Vooral in de periode 1950-1980 en 2002-2014 steeg de levensverwachting voor vrouwen sterk. In de periode 1980-2000 nam de levensverwachting voor vrouwen nauwelijks toe.

Stijging levensverwachting door daling sterfte hart- en vaatziekten

De stijging van de levensverwachting in de periode 2002-2014 hangt samen met de daling van de gestandaardiseerde sterfte in die periode. De sterfte daalde bij vrijwel alle leeftijdsgroepen. De daling in de sterfte in die periode wordt voor een groot deel veroorzaakt doordat de sterfte als gevolg van een hart- of vaatziekte is gedaald.


Trend in levensverwachting op 65 jaar

Sla de grafiek Levensverwachting op 65 jaar 1950-2021 over en ga naar de datatabel

Bron: CBS Doodsoorzakenstatistiek op  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) StatLine

In 2021 geen verdere daling levensverwachting 65-jarigen door COVID-19

Als gevolg van de sterfte aan COVID-19 is de resterende  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) op 65-jarige leeftijd in 2020 voor zowel mannen als vrouwen lager dan in voorgaande jaren. De afname in de resterende levensverwachting is voor mannen iets groter dan voor vrouwen. In 2021 is de levensverwachting voor 65-jarigen niet verder gedaald.

Levensverwachting op 65 jaar sterk gestegen

De resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd is in de periode 1950-2021 voor mannen toegenomen van 14,4 tot 18,6 jaar en voor vrouwen van 14,9 naar 21,2 jaar. Vooral in de periode 2002-2014 steeg de levensverwachting voor zowel mannen als vrouwen sterk maar lag in de jaren daarna weer iets lager. De stijging van de levensverwachting bij geboorte in de periode 2002-2014 is voor bijna driekwart het gevolg van de stijging van de levensverwachting op 65-jarige leeftijd. De trend in de levensverwachting op 65-jarige leeftijd vertoont een vergelijkbaar patroon als de levensverwachting bij geboorte. Dit patroon wordt grotendeels verklaard doordat de levensverwachting bij geboorte gerelateerd is aan de levensverwachting op de leeftijd van 65 jaar.


Invloed COVID-19 op levensverwachting groter voor mannen

In de grafiek is bij het jaar 2020 een duidelijke knik te zien in het verschil in (resterende)  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) tussen mannen en vrouwen. Deze toename van het man-vrouw-verschil wordt veroorzaakt door het feit dat de sterfte als gevolg van COVID-19 onder mannen groter was dan onder vrouwen. In 2021 is dit verschil in (resterende) levensverwachting weer iets afgenomen.

Verschil levensverwachting tussen seksen afgenomen na 1980

De levensverwachting voor vrouwen is hoger dan voor mannen, zowel bij geboorte als op 65-jarige leeftijd. Het verschil in levensverwachting bij geboorte tussen mannen en vrouwen is in de periode 1980-2021 met 3,3 jaar afgenomen: in 1980 leefden vrouwen nog 6,7 jaar langer dan mannen, in 2021 nog maar 3,3 jaar. Tussen 1950 en 1980 was het verschil tussen mannen en vrouwen juist toegenomen van 2,3 tot 6,7 jaar. Het verschil in de resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd is toegenomen van 0,6 jaar in 1950 tot 4,8 jaar in 1983 en daarna weer gedaald naar 2,6 jaar in 2021. Het sekseverschil in levensverwachting bij geboorte van 2,3 jaar in 1950 is voor het grootste deel een gevolg van sekseverschillen in sterfte onder de 65 jaar. Het verschil van 3,3 jaar in 2021 is voor het grootste deel een gevolg van sekseverschillen in sterfte boven de 65 jaar.

Rookgedrag leidt tot kleiner sekseverschil in levensverwachting

Eén van de belangrijkste oorzaken van het afgenomen verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen in de periode 1980-2021 is de afname van het verschil tussen het aantal rokende mannen en rokende vrouwen. Het percentage mannen dat rookt, is sinds de jaren vijftig gedaald. Het percentage rokende vrouwen is toegenomen tussen 1958 en 1970 en daarna weer gedaald. Door de afname van de verschillen tussen mannen en vrouwen in rookgedrag nemen ook sekseverschillen in sterfte aan roken-gerelateerde ziekten, zoals longkanker en hart- en vaatziekten, af.


Prognose levensverwachting

Sla de grafiek Levensverwachting (waargenomen) en prognose 1950-2070 over en ga naar de datatabel

Bron: CBS Doodsoorzakenstatistiek op  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) StatLine

Levensverwachting zal verder stijgen

Het  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) verwacht op basis van analyses van sterftetrends uit het verleden dat de  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) verder zal toenemen voor zowel mannen als vrouwen. Het CBS verwacht in 2070 een levensverwachting van 87,5 jaar voor mannen en 91,1 jaar voor vrouwen. Het verschil in levensverwachting bij geboorte tussen mannen en vrouwen zal  naar verwachting iets toenemen van 3,3 jaar in 2021 naar 3,6 in 2070.


  • M.J.J.C. Poos ( RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
  • E.A. van der Wilk, red. (RIVM)