Blootstelling

Blootstelling aan UV-straling vooral afhankelijk van gedrag in zomerzon

Er is weinig bekend over de omvang van blootstelling aan UV Ultraviolet-straling in Nederland. De zon is de belangrijkste bron van UV-blootstelling van de bevolking ( Slaper et al. 2017 Slaper, H., van Dijk, A., Outer, DP., van Kranen, H., Slobbe, L. C. J., UV-straling en gezondheid : Probleemveld en kennisbasis bij het RIVM, Bilthoven (2017) ).  Mensen die veel buiten zijn en hun huid en ogen niet of weinig bedekken staan daarom aan meer uv-straling bloot, vooral bij hoge zonkracht. De zonkracht is hoger als de zon hoog aan de hemel staat (in het voorjaar en de zomer tussen 11 en 16 uur) en er weinig bewolking is. Aantasting van de ozonlaag en klimaatverandering kunnen invloed hebben op de sterkte van de uv-straling  ( Slaper et al. 2017 Slaper, H., van Dijk, A., Outer, DP., van Kranen, H., Slobbe, L. C. J., UV-straling en gezondheid : Probleemveld en kennisbasis bij het RIVM, Bilthoven (2017) ). Daarnaast kunnen mensen die veel gebruik maken van kunstmatige UV-bronnen (zonnebanken, UV-therapie) of hiermee werken (lassen) blootstaan aan meer uv-straling.


    Trends

    UV-blootstelling toegenomen door gedragsverandering en toename UV-straling

    De blootstelling aan UV-staling van de zon is waarschijnlijk toegenomen in de afgelopen decennia. Enerzijds komt dat waarschijnlijk door een toename van het aantal warme dagen in combinatie met een toename in de hoeveelheid vrije tijd waardoor mensen meer buiten zijn. Anderzijds is de hoeveelheid UV-straling in Nederland in de afgelopen decennia toegenomen ( CBS et al. 2020 CBS, PBL, RIVM, WUR, UV-straling in Nederland, 1980-2019 (indicator 0220, versie 08, 23 juli 2020). www.clo.nl. , Den Haag, Den Haag, Bilthoven, Wageningen (2020) ). Voor een deel komt dit doordat de ozonlaag dunner is geworden waardoor deze minder beschermt tegen UV-straling.  Zo was in de periode 2000-2004 de ozonlaag wereldwijd en op gematigde breedten zoals Nederland zo'n 5% minder dik dan in de periode voor 1980 ( CBS et al. 2021 CBS, PBL, RIVM, WUR, Dikte van de ozonlaag, 1980-2020 (indicator 0218, versie 18 , 8 juli 2021). www.clo.nl., Den Haag, Den Haag, Bilthoven, Wageningen (2021) ). Een tweede oorzaak is dat de beschermende werking van bewolking (en luchtvervuiling) is afgenomen. Klimaatverandering kan in de toekomst leiden tot verdere veranderingen in bewolkingspatronen, en daarmee de hoeveelheid UV-straling ( CBS et al. 2020 CBS, PBL, RIVM, WUR, UV-straling in Nederland, 1980-2019 (indicator 0220, versie 08, 23 juli 2020). www.clo.nl. , Den Haag, Den Haag, Bilthoven, Wageningen (2020) ).


      Gezondheidsgevolgen

      UV-straling vooral schadelijk voor huid en ogen

      Schade door UV-straling  kan op korte termijn leiden tot zonnebrand en (pijnlijk) brandende, tranende en rode ogen (fotokeratitis), beter bekend onder de benamingen sneeuwblindheid of lasogen. Op lange termijn kan het leiden tot huidkanker, en bijdragen aan huidveroudering en staarvorming (gezichtsstoornissen). Naar schatting hangt meer dan 90% van de incidentie Het aantal nieuwe gevallen van of nieuwe personen met een bepaalde ziekte in een bepaalde periode, absoluut of relatief. van huidkanker en een derde van de incidentie van staar Staar (of cataract) is een vertroebeling van de ooglens die ontstaat door verandering van de eiwitsamenstelling en het watergehalte van de ooglens.   samen met UV-blootstelling ( Slaper et al. 2017 Slaper, H., van Dijk, A., Outer, DP., van Kranen, H., Slobbe, L. C. J., UV-straling en gezondheid : Probleemveld en kennisbasis bij het RIVM, Bilthoven (2017) ). 

      Toename huidkanker door meer blootstelling aan UV-straling

      Verandering in gedrag  met betrekking tot blootstelling aan UV-straling heeft mogelijk  geleid tot een toename van de huidkankerincidentie met een factor 2,5 tussen 1990 en 2014 ( Slaper et al. 2017 Slaper, H., van Dijk, A., Outer, DP., van Kranen, H., Slobbe, L. C. J., UV-straling en gezondheid : Probleemveld en kennisbasis bij het RIVM, Bilthoven (2017) ).  Overmatige en onregelmatige blootstelling aan UV-straling van zonlicht en/of zonnebanken is de belangrijkste risicofactor voor het ontstaan van huidkanker.

      UV-straling zorgt voor aanmaak van vitamine D

      UV-straling heeft ook positieve effecten op de gezondheid. Het is nodig voor de aanmaak van vitamine D. Vitamine D is goed voor sterke botten en tanden en draagt waarschijnlijk bij aan het verlagen van de kans op het krijgen van dikkedarmkanker en enkele chronische ziekten. Deze laatste bevindingen zorgen voor een wetenschappelijk en maatschappelijk debat over de vraag waar de grens ligt tussen schadelijke en wenselijke UV-blootstellingsniveaus ( Slaper et al. 2017 Slaper, H., van Dijk, A., Outer, DP., van Kranen, H., Slobbe, L. C. J., UV-straling en gezondheid : Probleemveld en kennisbasis bij het RIVM, Bilthoven (2017) KWF Kankerbestrijding 2010 KWF Kankerbestrijding, De relatie tussen kanker, zonnestraling en vitamine D, Amsterdam (2010) ). Verder maken medische therapieën voor de behandeling van bepaalde huidaandoeningen gebruik van UV-straling, bijvoorbeeld bij psoriasispatiënten.


         

        • H. Slaper (RIVM)
        • M. Harbers, red. (RIVM)